header image

Blok 3

De volgende dag leek het weer een beetje vriendelijker. We prikten Capbreton als volgende standplaats. Een kattesprong van 15 km, maar de beschrijving beloofde veel goeds.
Een heel grote camperplaats in de duinen, vanwege het winterseizoen geen voorzieningen maar ook geen kosten. Droog, zelfs al wat zon dus de wandelschoenen aan en via het strand naar de leuke plaats Capbreton waar al hier en daar wat winkeltjes openwaren en er was zelfs wat volk op de been. Werkt toch wat gezelliger. We werden uitgenodigd door nederlandse camperaars die we in het stadje ontmoetten, goed voor een bakje en ‘n babbel in hun camper.

Na de gezellig half uurtje zetten we onze wandeling voort: Een mooie blik op de vissers- en jachthaven en nog net, bij het scheiden van de markt, een paar viskramen met prachtige, verse vis. Visbakken is in de camper niet te doen en voor het buiten-koken was het te winderig. Jammer dan!
Langs het strand lagen een aantal bunkers, sommige in de loop der jaren door de golven ondermijnd en omgekanteld. Weer andere waren bewerkt met grafitty. Aandoenlijk was de vondst van een dode vis, volgens onze -beperkte- kennis een tuimelaar, een tonijn-achtige. Best een knoepert! De wandeling had toch weer een aanslag gedaan op onze voeten en kuiten, ook de zee-, of liever oceaanlucht droegen bij tot een vroeg-naar-bed. Direct na het vaststellen van de volgende stop gingen we horizontaal.

De volgende stop was ook niet ver rijden, rond 11.00 uur parkeerden we de camper op een nette camperplaats in Biarritz. Voor 10 euro, inclusief stroom en sani. Niets verkeerd mee. Zoals gewend: Direct na de koffie in de wandelschoenen, richting, jawel, strand. Het atlantische kustgebeuren werd per tussenstop mooier! Een prachtig stuk kust met een mooi aangelegde wandelpromenade.
De burgemeester had zelfs voor stralend weer gezorgd! De wandeling voerde deels over de promenade, deels over het strand naar de mooie oude kern van Biarritz. Onderweg zagen we veel surfboarders de hoge golven berijden, mooi om te zien. De oude kern: Hier kom je ogen tekort! Erg genoten van de mooie gebouwen, het tussen natuurlijke rotsen aangelegde haventje en het mini-eilandje waarop een groot Madonnabeeld stond. Biarritz heeft ook zijn eigen P.C. Hooftstraat met bijbehorende, niet op Jan Modaal afgestemde boetieks en sjieke zaken.
We hadden onszelf alweer overschat want we kwamen bijna op onze knietjes terug bij de camper. Goede nachtrust dus weer gewaarbord. We spraken nog kort met een landgenoot die ons minn of meer gek maakt om ook naar de spaanse mediterrane kust te gaan. “Denken we nog eens over……”. “Is makkelijk te doen met een tussenovernachting!”. We namen zijn idee mee in onze dromen.
De volgende morgen werden we gewekt door de luid-toeterende bakker, twee knapperige baguets voor het ontbijt. Na deze delicatesse namen we afscheid van Biarritz en zouden een heel klein sprongetje maken naar Hendaye.

De camperplaats was bij een oud stationnetje waar wel regelmatig de TGV voorbijraasde. Ook deze plek lag op ongeveer het hoogste punt van het stadje zodat er weer flink gekuierd moest worden om bij de kust te komen. Maar: Niet voor niets want het was weer de moeite waard. Mooie kust, mooie jachthaven, aardige boulevard. Hier waren we getuige van een fotosessie van een bruidspaar, zij in mooie bruidsjurk, hij in schotse outfit, inclusief schotse rok en buikbuidel. Sneu maar toch wel geniepig lachen toen de fraaie bruid pardoes in zee kieperde……..! Onderweg kwamen we een eenzame schoen tegen met een stuk hout erin, deed even denken aan het verloren houten been van een piraat…….
Na het bekijken van al dit fraais de berg weer opgeklauterd, het liep tegen drieën. Bij het stationnetje keken we elkaar even aan, dachten hardop aan het verhaal over de spaanse kust en om vijf over drie reden we richting spaanse grens en vervolgens hoofdrichting Pamplona. Toch wel gekozen voor tolwegen, we hadden immers een behoorlijk stuk te gaan. Het was een prachtige rit door de Pyreneën, hier en daar zagen we nog wat sneeuwtoppen. Er werd wel veel geschakeld want er zaten stevige en vooral lange klimmen in. Bij een tankstation een goede wegenkaart van Spanje gekocht zodat we een beetje konden volgen waar we waren. Uit onze boeken hadden we een camperplek gevonden in Lumbier, 15 km voorbij Pamplona. Hoe we echter ook zochten in dit piepkleine plaatje: Niets te vinden. Weer terug naar de autopista, notabene weer via Pamplona om hoofdrichting Zaragosa te volgen, daar zou een overnachtingsplek zijn. Inmiddels was het al donker en daarom zochten we maar een tankstation langs de autopista op en gokten het erop. Het stormde er hevig, een afdekkapje van de camperontluchting kon door Fred nog net gevangen worden. Ondanks een schuddende camper hebben we toch goed geslapen. Volgende ochtend: Vrij vroeg weer opweg, nadat we eerst volgetankt hadden en heel vrolijk begroet werden door pompbediende Alberto die in vloeiend spaans vroeg, nadat hij de handen geschud had, of we goed geslapen hadden. Hij zwaaide ons uitbundig uit! Kennelijk had hij geen grote klandizie uit ‘Olanda’.
Tot de kust was het nog een heel behoorlijke rit: Rond 300 km en alweer door een erg bergachtig terrein. Geen Pyreneën maar toch wel pittig. En mooi!! Zelfs een paar echte serpetines, sterk kronkelende haarspeldbochten.

Leave a response






Your response: