header image

Blok 4

Tot de kust was het nog een heel behoorlijke rit: Rond 300 km, géén autopista, alweer door een erg bergachtig terrein. Geen Pyreneën maar toch wel pittig. En mooi!! Zelfs een paar echte serpetines, sterk kronkelende haarspeldbochten. Welke gebergte het was zal Fred op school ooit geleerd hebben maar dit is hem na ruim 50 jaar toch ontschoten……..

We maakten een uitgebreide tussenstop om een burcht, Senders de Morella, te bezichtigen. Alweer de moeite waard, al was het alleen al vanwege het uitzicht over het typische landschap. Ook keken we uit op de restanten van een zeer oud aquaduct. Na ongeveer anderhalf uur kroop Fred weer achter het stuur, klaar om de volgende bergrug over te steken. Aan bochtendraaien en schakelen geen gebrek. We reden door leuke dorpjes, vonden er een bakkerswinkeltje waar Els, nadat ze mevrouw Dorpeling haar lange gesprek met mevrouw Bakker had laten afmaken, een paar lekkere broodjes kocht.

Eindelijk reden we het bergachtig gebied uit en vonden, alweer met wat zoekwerk, de camperplaats bij ‘Spätzle Fritz’. We hadden snel geschoten dat dit niet voor ons was. Midden tussen zeer uitgestrekte sinasappelboomgaarden, slechts één weg waar men met minimaal 100 km/u overheendenderde. Niet echt fijn om te gaan wandelen of fietsen. Aufwiedersehen Fritz! Snel koers gezet naar Peñiscola. Onze navi-vriendin had het weer op haar heupen een stuurde ons door de meest onmogelijke sloppen en stegen. Door een klein wondertje kwamen we uit dit doolhof  en gingen zelf maar borden richting Peñiscola volgen. Plots zagen we een camping die een groot bord had uithangen met speciale camper-winterprijzen. Het zag er ook nog aardig uit, dus de poort door. Daar werden we vriendelijk begroet door een belgische dame met heerlijk westvlaams accent die ons een leuke plek aanwees en wees op internetmogelijkheden.

Na het afrekenen van één nacht all-in standgeld konden we bijkomen van de mooie maar redelijk vermoeiende reisdag. Niet lang, want de belgische dame en haar man nodigden ons uit mee te rijden naar Peñiscola-stad waar die avond een carnavalsoptocht was. Leuk idee, dus rap een paar boterhammen weggewerkt en in hun auto. De eerste kennismaking met Peñiscola deed ons al besluiten om hier nog een dag aan vast te plakken. De carnavalsoptocht was erg leuk, een beetje het karakter van Carnaval in Rio. Kleinschaliger maar beslist de moeite waard!

Na afloop werden we weer netjes voor de camper afgezet en namen we de tijd om de mensen te bedanken. Zij overwinteren op deze camping, Los Pinos, en leveren de baas hand- en spandiensten. Leuke mensen!

Na een voortreffelijke nachtrust gingen we op de fiets naar de stad, een toertje van zo’n drie kilometer. De fietsen aan een verkeerspaal geklonken en toen wandelend de oude burcht-stad bekijken. Het wordt misschien vervelend om te schrijven, maar het was alweer een belevenis. Dat er een harde wind waaide, we schatten kracht 7 a 8, gaf een aparte sfeer, temeer om dat de zon uitbundig straalde. Na de burcht-expeditie wandelden we ook nog langs boulevard en haven. Onze magen meldden  zich dus namen we plaats bij een restaurantje waar we een lekkere vismaaltijd en 2 cerveza plus verse sinasappelsap wegwerkten. Dat deed een mens goed! De terugweg naar de camping: Dezelfde 3 kilometer als de heenweg, nu gestaag bergop en de harde wind pal op onze snoet! Dit was afzien! En dat in je vacantie!

Toen we aankwamen bij de camper kwam buurman Günther uit Hamburg ons uitnodigen voor een cappucino en een babbel. Werd een leuke avond, met veel uitwisselen van camperervaringen. Het werd waarempel de eerste avond dat we ruim na elven te bed gingen.

Voor de volgende dag hadden we Sitges geprikt. Fred’s zus gaat hier vaker heen en is er erg over te spreken. We reden grotendeels over de autopista, passeerden twee maal een tolpoort, bij de tweede reden we via een verkeerde poort en blokkeerde enige tijd het doorgaand verkeer. Een employé van de tolvangers kwam in vloeiend spaans uitleggen wat we verkeerd deden, vroeg onze creditcard, propte deze in een apparaat, gaf hem terug, geen bonnetje, geen nadere uitleg, maar de slagboom ging open en we konden verder. Benieuwd òf en welk bedrag er afgeschreven wordt…….

De camperplaats in Sitges, gelegen aan de kop van een semi-industrie annex winkelzone werd snel gevonden. Geen droomplek maar we konden ons behelpen. Met onze toch niet kleine levelers konden we de camper enigszins horizontaal geplaatst krijgen. De parkeerautomaat was naar z’n grootje en er is niemand geld komen beuren. We konden onze sani-routine uitvoeren, stroom was er niet te koop. Ook deze keer was het een flinke kuier naar strand en boulevard, redelijk stevig berg-af. We namen ons voor nog niet aan de terugweg te denken.

Sitges: Erg mooi! Mooi strand, mooie zee, mooie boulevard, mooie gebouwen, mooie beelden…. Goed voor enkele genoeglijke uren en een rits foto’s. Deze vinden tzt een plekje op onze fotosite: http://frestofunfotoalbums.magix.net/ Begrijpelijk dat deze mooie plaats grote toeristische bekendheid heeft.

De weg terug naar de camper was weer op de tandjes bijten. We zaten nog maar net aan ons diner toen het begon te regenen. Gedurende de nacht waaide de buien over en de volgende morgen konden we de reis bij stralend weer voortzetten.

De volgende bestemming was San Feliu de Gruixol, ook gelegen aan de kust, de Costa Brava. We besloten tolwegen te vermijden en even een kijkje te gaan nemen in Blanes waar we de zomer vóór ons trouwen (1971) een leuke vakantie doorbrachten. Dit werd een regelrechte afknapper! Het toenmalige leuke vissersstadje was uitgegroeid tot een toeristen-industrieterrein. Vrijwel overal borden dat we niet welkom waren met onze camper en we konden geen parkeerplaats vinden. Wel vonden we ongelofelijk veel bijna onneembare verkeersdrempels: Aanrijden met  5 km/uur was nog aan de ruige kant! We besloten het maar te doen met het leuke Blanes uit onze jeugd en gingen opweg naar San Feliu de Gruixol. Onderweg nog een Lidl aangedaan om te provianderen.

Toen…: De schitterend mooie kustweg rijden. Heel veel bochten, berg op berg af, heel veel schakelen maar o zo mooi. Prachtige uitzichten over grote en intieme baaien, over een diep blauwgroene Middellandse zee, door pijnboombossen……. Het schoot niet echt op maar dat speelde geen enkele rol. In de vroege middag bereikten we San Feliu waar een eenvoudige en gratis parkeerplaats gereserveerd is voor campers. Verder geen voorzieningen, behalve dat we er een tijdje konden internetten via een WiFi van de gemeente. Beperkt, maar genoeg om even mail te checken en een deel van dit verslag te uploaden.

De wandeling naar de kust was hier maar een paar minuutjes.

Strand en boulevard niet heel spectaculair maar had daardoor toch iets prettigs. Niet overlopen door toeristen. San Feliu de Gruixol heeft zelfs, net zoals Barcelona, zijn eigen Ramblas, een winkelpromenade waar vooral banken en chiquere winkels liggen. Volgens Fred moest in deze plaats Salvatore Dali, de kunstschilder een museum hebben, dit hebben we niet kunnen ontdekken. Vermoedelijk heeft Spanje méér San Feliu’s.

Fred werd aan het strand zelfs uitbundig en waagde zich, met beide voeten, in zee!

Des avonds in de camper realiseerden we ons dat inmiddels al 16 dagen erop hadden zitten en al heel veel moois hadden gezien. We stelden, na het doorpluizen van onze documentatie, vast dat Spanje niet het camperland is dat wij in gedachten hadden. Nog sterker dan in Nederland probeert men de camperaars te weren òf te dwingen naar één der zeer vele, naar onze smaak vrij dure campings te gaan. Afgezien van de prijsstelling, de meeste campings waren tijdens onze reisperiode, februari, potdicht.

Daarom de volgende dag dan maar weer naar Frankrijk waar camperaars meer welkom zijn. Het vervolg? Volgende pluk.

Leave a response






Your response: